Nieuw artikel betoogt dat het pleidooi tegen laissez-faire kapitalisme evenzeer op democratie van toepassing is
Belangrijkste punten
- •De auteurs betogen dat marktfaalconcepten zoals externaliteiten en asymmetrische informatie evenzeer op democratische processen van toepassing zijn als op markten.
- •Zij bestempelen stemmen als een externaliteit, omdat politieke besluiten gevolgen hebben voor niet-kiezers, toekomstige generaties en mensen buiten het electoraat.
- •Bestaande regels rond verkiezingen, kiesgerechtigheid, campagnes, politieke meningsuiting en openbaar onderwijs leggen al grenzen op aan laissez-faire democratie.
- •Voorgestelde aanvullende maatregelen omvatten betalingen voor een vrijwillig staatsburgerschapsexamen, boetes op misleidende campagnebeloftes, strengere normen voor politieke advertenties en gekwalificeerde meerderheden.
- •Het artikel stelt dat bezwaren rond regulatory capture, bevooroordeelde ambtenaren en onbedoelde gevolgen gelden voor zowel markt- als democratische regulatie.

Een nieuw artikel van Brennan en Freiman stelt dat de standaardargumenten tegen laissez-faire kapitalisme, in de woorden van de auteurs, "op vrij directe wijze" ook gelden tegen laissez-faire democratie — het standpunt dat democratische besluitvorming zelf ongereguleerd zou moeten blijven. Het artikel, gepubliceerd via Cambridge Core, werd uitgelicht in een post van 7 oktober 2026 op de economieblog Marginal REVOLUTION, gerund door de economen Tyler Cowen en Alex Tabarrok. De auteurs — de politieke filosofen Jason Brennan, van Georgetown University, en Christopher Freiman — bouwen hun betoog op een consistentieclaim: hoe men het reguleren van markten ook beoordeelt, dezelfde redenen gelden, zo betogen zij, voor de vraag of democratische besluitvorming ongemoeid moet blijven.
Een "verbazingwekkende" asymmetrie
Volgens de auteurs zou de uitkomst "vrij verbazingwekkend" moeten zijn, "gezien het feit dat laissez-faire kapitalisme breed wordt verworpen, terwijl laissez-faire democratie breed wordt omarmd." Hun claim is dat alle gebruikelijke marktfaalargumenten — externaliteiten, asymmetrische informatie, principal-agent-problemen en gedragsmatige kwesties — net zo goed op democratie van toepassing zijn als op ongereguleerde markten. De asymmetrie is relevant omdat deze argumenten doorgaans slechts in één richting worden aangevoerd, als grond voor het reguleren van markten in plaats van het reguleren van het politieke proces dat zelf reguleert.
Externaliteiten bij de stembus
Het artikel wijst externaliteitsproblemen aan als het centrale onderscheid tussen markten en politiek. Beslissingen op markten, zo schrijven de auteurs, "worden meestal en grotendeels geïnternaliseerd; negatieve externaliteiten worden gezien als een afwijking die gecorrigeerd moet worden." Politieke beslissingen daarentegen "zijn van nature openbaar."
Brexit dient als hun illustratieve geval. Bij het referendum van 2016 in het Verenigd Koninkrijk stemde ongeveer 37% van de kiesgerechtigden — en 26% van de gehele bevolking van het VK — vóór Brexit, maar de gevolgen van het besluit worden gedragen door iedereen anders: de verliezende kiezers, kiesgerechtigden die niet stemden, kinderen en andere burgers die niet mochten stemmen, toekomstige generaties en buitenlanders. Gebruikanwijzing zo gelezen is een enkele stem geen puur persoonlijke keuze, maar een handeling waarvan de kosten op anderen overgaan — het kenmerkende van een externaliteit.
De auteurs vergelijken het probleem met vervuiling door individuele automobilisten of vliegtuigpassagiers:
We rijden te veel en vervuilen te veel omdat we zelf de baten van deze handelingen plukken, maar de kosten op anderen afwentelen. Individueel wegen wij weinig, maar collectief wegen wij zwaar. Als regulatie van externaliteiten prima facie gerechtvaardigd is bij vervuiling, dan is zij prima facie gerechtvaardigd bij stemming.
Democratie wordt al gereguleerd
Voordat zij iets nieuws voorstellen, merken Brennan en Freiman op dat "vrijwel iedereen al bepaalde overheidsmaatregelen accepteert" die aannemelijk kunnen worden opgevat als regulatie van stemming of van democratische processen. Sommige kwesties worden rechtstreeks aan kiezers voorgelegd; andere worden overgelaten aan gekozen leiders, rechters en bureaucratieën; nog andere worden geheel uit de politieke overweging genomen. Het tijdstip en de plaats van verkiezingen, wie er mag stemmen en vanaf welke leeftijd, en wie zich verkiesbaar mag stellen zijn allemaal vormen van regulatie. Overheidsfinanciering van openbaar onderwijs is deels een bewuste niet-laissez-faire subsidie bedoeld om de competentie van kiezers te vergroten.
De auteurs voegen toe dat veel lezers waarschijnlijk geen bezwaar hebben tegen overheidsregulatie van campagnebijdragen, campagnuitgaven en zelfs welke soorten meningsuiting zijn toegestaan, en dat vrijwel alle lezers markten in stemmen zonder meer verwerpen (Freiman 2014). Elk van deze regelingen, zo betogen zij, is een vorm van overheidsregulatie die laissez-faire democratie al beperkt — en dat is precies waarom het artikel de kwestie behandelt als een kwestie van mate in plaats van van principe.
Mogelijke regulaties
Bij het schetsen hoe verdere regulatie van democratie eruit zou kunnen zien, gaan de auteurs, als stelling voor het betoog, uit van algemeen en gelijk kiesrecht — geen gewogen stemmen en geen kennistests voor stemgerechtigheid. Mogelijkheden die zij aandragen zijn onder meer:
- burgers betalen voor het behalen van een vrijwillig staatsburgerschapsexamen;
- het bijhouden van campagnebeloftes en het beboeten van misleidende claims;
- het reguleren van politieke advertenties op vergelijkbare wijze als geneesmiddelenreclame; en
- het eisen van gekwalificeerde meerderheden voor bepaalde beslissingen.
Het artikel werkt elk van deze voorstellen in meer detail uit.
Het laissez-faire-tegenargument
De post op Marginal REVOLUTION sluit af met het anticiperen op een waarschijnlijk bezwaar: dat dergelijke regulaties zouden worden gekaapt door bijzondere belangen, zouden worden uitgevoerd door bevooroordeelde ambtenaren, of onbedoelde gevolgen zouden hebben. Het antwoord, zo suggereert de post, wijst in een bekende richting: "Inderdaad, welkom bij het argument voorz-faire." Die slotzin wijst op de symmetrie die de kern van het artikel vormt: bezwaren tegen marktregulatie spiegelen bezwaren tegen het reguleren van democratie, dus een consequent standpunt moet verklaren waarom dezelfde argumenten de ene vraag beslechten en de andere niet.
Bron: Marginal REVOLUTION, "Against Laissez-Faire Democracy," 7 oktober 2026. Originele post.